Tour de TT

Routebeschrijving Website

Tour de TT Een historisch beeldend verleden over de TT en motorsport beleefbaar maken. Dat gebeurde in het Drentse dorp Rolde, op de Grote Brink.

Op zaterdag 11 juli 2015 om 14.30 uur is het precies 90 jaar geleden dat de eerste TT van start ging. Daarom wordt op deze dag en exact dit tijdstip de Historische TT Parade gehouden. Honderden motorliefhebbers zullen op hun historische motoren de route van het eerste uur opnieuw rijden, ben jij ook langs de route aanwezig om deze coureurs aan te moedigen. Op vrijdag 10 juli en zaterdag 11 juli 2015 organiseert de Oranjevereniging OVVR een compleet programma voor de motorliefhebber op de Grote Brink in Rolde, met muziek, vermaak, een Echte Mannen-beurs en andere activiteiten. De Historische TT Parade wordt gereden op het allereerste circuit van Nederland, dat voert van Rolde naar Borger, Schoonloo en Grolloo en weer naar Rolde. De historische route maakt nu deel uit van de Tour de TT. Deze unieke belevingsroute voor TT-liefhebbers verbindt de twee oude circuits waarop de TT in 1925 en tussen 1926 en 1954 werd verreden. Deze nieuwe belevingsroute is speciaal samengesteld voor motorrijders en TT-liefhebbers. Beleef de oude TT race zoals de eerste TT rijders dat deden in 1925, vele decennia geleden. Ook voor fietsers is een speciale route langs het oude circuit uitgezet.

MEMORY LANE – TT ASSEN 1939Aflevering 21.Racen in de schaduw van de oorlog1 juli 1939. Europa verkeert in een steeds dre...
11/10/2026

MEMORY LANE – TT ASSEN 1939

Aflevering 21.

Racen in de schaduw van de oorlog

1 juli 1939. Europa verkeert in een steeds dreigender situatie. Nog maar twee maanden later zou Duitsland Polen binnenvallen en zou de Tweede Wereldoorlog uitbreken. Maar op deze zaterdag in Assen draait alles nog om snelheid.

De 15e Nederlandse TT staat op het programma. Duizenden toeschouwers zoeken hun plaats langs het ongeveer 16,5 kilometer lange Circuit van Drenthe. De TT is inmiddels uitgegroeid tot een internationaal motorsportevenement van formaat. Niemand weet dat dit voorlopig de laatste keer zal zijn dat de internationale motorwereld hier bijeenkomt.

Een bijzondere internationale strijd

In de internationale races staan opnieuw grote namen aan de start. In de 250cc-klasse verdedigt Ewald Kluge de eer van DKW. De Duitser krijgt het moeilijk met de Italiaan Omobono Tenni, die met zijn Moto Guzzi aanvankelijk een enorme voorsprong opbouwt. Wanneer de regen komt, blijft Tenni het tempo hoog houden. Uiteindelijk gaat het mis en kan Kluge de achterstand goedmaken.

Kluge wint de 250cc en bezorgt DKW daarmee zijn zesde achtereenvolgende overwinning in deze klasse tijdens de TT van Assen. De Nederlander Lo Simons wordt zesde en is daarmee de beste Nederlander.

Ook in de 350cc valt de overwinning bij DKW. Siegfried Wünsche rijdt naar de winst, vóór Ted Mellors. W***y van Gent is met zijn Velocette de beste Nederlander.

Maar de zwaarste klasse zorgt voor het echte spektakel.

Meier tegen Serafini

De 500cc-race wordt een duel tussen twee fabriekstoppers: Georg Meier op de supercharged BMW en de Italiaan Dorino Serafini op de Gilera.

Serafini neemt aanvankelijk de leiding. Meier blijft echter aandringen en neemt de kop over. De twee rijden op een tempo dat voor die tijd fenomenaal is. Wanneer het later opnieuw begint te regenen, wordt de strijd nog spectaculairder.

Serafini blijft aanvallen. Beide coureurs raken tijdens het gevecht zelfs meerdere keren naast het asfalt, maar weten hun machines onder controle te houden. Uiteindelijk laat Meier de Italiaan gaan. Serafini bouwt een voorsprong op die op een gegeven moment ongeveer anderhalve minuut bedraagt.

Dan, in de voorlaatste ronde, gaat het mis.

Bij de Oude Tol raakt Serafini opnieuw naast de baan. Deze keer is zijn Gilera zo zwaar beschadigd dat hij de race moet staken. Meier krijgt de overwinning daarmee alsnog in handen. Gilera wordt tweede met teamgenoot Vailati.

Georg Meier wint de 500cc op zijn BMW.

Daarmee is iets bijzonders gebeurd: alle drie de internationale hoofdraces van de TT van 1939 zijn gewonnen door Duitse rijders – Kluge, Wünsche en Meier.

Ook naast het circuit gebeurt iets bijzonders

De TT van 1939 is niet alleen bijzonder vanwege de races.

Op het TT-terrein verschijnt een technisch novum: het eerste rijdende postkantoor van de Nederlandse PTT. Het is gebouwd op een Amerikaanse Chevrolet en wordt speciaal voor de TT ingezet. Bezoekers én coureurs kunnen er hun postzaken regelen. Het mobiele kantoor beschikt bovendien over telefooncellen en voorzieningen voor postzegels en briefkaarten.

Het is een prachtig detail dat precies past bij het karakter van de TT: terwijl de motoren steeds sneller worden, brengt de PTT moderne communicatie letterlijk naar het circuit.

De laatste vooroorlogse TT

En dan gebeurt er iets wat niemand op die zonnige, natte en spannende TT-dag kan voorzien.

De TT van 1 juli 1939 blijkt de laatste internationale TT vóór de oorlog te zijn. Van 1940 tot en met 1945 wordt er in Assen geen TT gereden. Pas in 1946 keert het motorgeluid terug op het Circuit van Drenthe; aanvankelijk nog met een nationale wedstrijd.

Zo krijgt de TT van 1939 achteraf een bijzondere betekenis.

De coureurs wisten het niet. Het publiek wist het niet. De organisatoren wisten het niet.

Maar terwijl Meier, Kluge en Wünsche hun overwinning vierden, stond de Europese geschiedenis al aan de vooravond van een dramatische omslag.

De TT van 1939 was niet alleen een spectaculaire race. Het was het laatste grote motorsportfeest vóór de oorlog de wereld veranderde.

De Ere Galerij van Iconische TT HeldenPeriode jaren ‘70 en ‘80 #21.ROB BRONRUIGE ROBBIE – DE VOORGANGER VAN DE NEDERLAND...
10/10/2026

De Ere Galerij van Iconische TT Helden

Periode jaren ‘70 en ‘80

#21.

ROB BRON

RUIGE ROBBIE – DE VOORGANGER VAN DE NEDERLANDSE 500cc-GLORIE

Voordat Wil Hartog in 1977 de Nederlandse TT-geschiedenis herschreef, was er een andere Nederlander die de internationale 500cc-wereld al had laten zien dat hij ertoe deed.

Zijn naam was Rob Bron.

Geboren in Amsterdam op 16 mei 1945, groeide Bron uit tot een veelzijdige Nederlandse coureur die in verschillende klassen uitkwam. Maar zijn grote doorbraak kwam in de 500cc.

Het jaar 1971 werd het jaar waarin ‘Ruige Robbie’ internationaal doorbrak.

Met zijn Suzuki TR500 stond hij tegenover coureurs als Giacomo Agostini, Keith Turner, Dave Simmonds en Jack Findlay. Agostini beschikte met zijn MV Agusta over het sterkste fabrieksmateriaal. Bron moest het met zijn eigen Suzuki zien te redden.

En dat deed hij.

Assen, 1971

Op 26 juni 1971 stond de 500cc-TT van Assen op het programma.

Agostini was de grote favoriet.

Bron niet.

Toch reed de Nederlander een wedstrijd die tot de meest bijzondere Nederlandse prestaties in de 500cc behoort. Hij vocht vooraan mee en wist zelfs drie ronden lang de leiding te nemen.

Uiteindelijk won Agostini.

Maar achter de Italiaan kwam Rob Bron als tweede over de finish.

Voor het Nederlandse publiek was het een sensatie.

Bron had niet alleen bewezen dat hij met de wereldtop mee kon. Hij had laten zien dat hij ze ook daadwerkelijk kon aanvallen.

En Assen was geen eenmalige uitschieter.

Bron werd dat seizoen ook tweede in Hockenheim, derde in Finland en tweede tijdens de Ulster Grand Prix. Aan het einde van het seizoen stond hij derde in het wereldkampioenschap 500cc, achter Agostini en Keith Turner.

Met 57 punten.

Dat resultaat staat nog altijd als de beste Nederlandse eindklassering ooit in het 500cc-wereldkampioenschap.

Een overwinning die nooit kwam

Het merkwaardige aan het verhaal van Rob Bron is dat hij ondanks zijn uitzonderlijke seizoen nooit een Grand Prix won.

Maar juist daarin schuilt zijn betekenis.

Hij hoefde geen wereldkampioen te worden om geschiedenis te schrijven.

Zijn derde plaats in het WK van 1971 was het bewijs dat een Nederlandse privérijder zich tussen de beste 500cc-coureurs ter wereld kon plaatsen.

Een paar jaar later zouden Wil Hartog, Jack Middelburg en Boet van Dulmen die Nederlandse aanwezigheid in de koningsklasse verder uitbouwen.

Bron was hun voorganger.

Het vervolg

In 1972 begon Bron opnieuw sterk. Hij werd derde in Frankrijk en vierde in Oostenrijk, maar blessures zouden hem uiteindelijk terugwerpen. Zijn seizoen eindigde voortijdig en hij kwam niet meer terug op het niveau van 1971.

Toch bleef hij actief.

Bron reed later nog Grand Prix-races en bleef ook op nationaal niveau actief. Zijn laatste jaren als actieve coureur lagen ver buiten zijn glorieuze seizoen 1971; bronnen noemen 1985 als het einde van zijn actieve nationale carrière.

Zijn naam raakte bij het grote publiek geleidelijk op de achtergrond.

Maar wie de Nederlandse 500cc-geschiedenis werkelijk wil begrijpen, kan niet om Rob Bron heen.

De vergeten derde man?

Misschien is “vergeten” eigenlijk niet het juiste woord.

Want de cijfers vertellen een ander verhaal.

2e in de TT van Assen.

4 podiumplaatsen in het 500cc-WK van 1971.

57 WK-punten.

3e in het wereldkampioenschap 500cc.

En vooral:

de beste Nederlandse eindklassering ooit in de 500cc-koningsklasse.

Rob Bron was geen wereldkampioen.

Hij was ook geen Grand Prix-winnaar.

Maar in 1971 stond hij wel tussen de grootste namen van zijn tijd.

En misschien is dat precies waarom hij zo goed past als afsluiter van onze Nederlandse jaren zeventig.

De Ere Galerij van Iconische TT HeldenEen blijvende ode aan de mensen, machines en momenten die de geschiedenis van de T...
10/10/2026

De Ere Galerij van Iconische TT Helden

Een blijvende ode aan de mensen, machines en momenten die de geschiedenis van de TT van Assen hebben gevormd.

WILCO ZEELENBERG

Van grasbaanjongen tot wereldkampioen-maker

Sommige coureurs winnen races.

Sommige coureurs winnen titels.

En heel af en toe staat er iemand op die beide doet én daarna een tweede carrière opbouwt aan de absolute wereldtop van de motorsport.

Wilco Zeelenberg behoort tot die uitzonderlijke categorie.

Geboren op 19 augustus 1966 in Bleiswijk begon zijn avontuur op twee wielen al voordat hij naar de basisschool ging. Op vierjarige leeftijd scheurde hij rond op een door zijn vader zelf gebouwd crossmotortje. Wat begon als spel groeide uit tot een passie. Op vijftienjarige leeftijd werd hij al Nederlands kampioen in de jeugdcross.

Maar zijn echte bestemming lag op het asfalt.

Toen voormalig Grand Prix-coureur Jan Huberts hem uitnodigde om zijn talent eens in de wegracerij te testen, bleek al snel dat Nederland een bijzonder talent rijker was. Op slechts zeventienjarige leeftijd reed Zeelenberg op Zandvoort naar een tweede plaats achter Hans Spaan. Zijn eerste NK-punten waren binnen, maar belangrijker nog: een nieuwe ster was geboren.

In de jaren die volgden werkte hij zich stap voor stap omhoog naar de nationale en internationale top. Hij reed de TT van Assen, veroverde Nederlandse titels en ontwikkelde zich tot een vaste waarde in het Grand Prix-paddock.

Zijn grote doorbraak kwam in de 250cc-klasse.

Met een combinatie van snelheid, technische kennis en onverzettelijkheid werd hij Nederlands kampioen in 1988, 1989 en 1990. Hij nam het op tegen de sterkste coureurs van zijn generatie en vocht wiel aan wiel met internationale grootheden als Luca Cadalora, Helmut Bradl en Pierfrancesco Chili.

Het absolute hoogtepunt van zijn Grand Prix-loopbaan volgde op de Nürburgring in 1990.

Daar schreef Wilco Zeelenberg geschiedenis door de 250cc Grand Prix van Duitsland te winnen. Voor Nederland betekende het opnieuw een internationale motorsporttriomf. Het was het bewijs dat een Nederlandse coureur niet alleen kon meedoen, maar ook kon winnen op het hoogste niveau.

Zijn talent bleef niet onopgemerkt.

In 1992 kreeg hij een plaats binnen het fabrieksteam van Suzuki, met niemand minder dan Kevin Schwantz als teamgenoot. Zeelenberg reed op circuits over de hele wereld – van Assen tot Suzuka, van Oostenrijk tot Amerika – en bouwde een reputatie op als een snelle, slimme en technisch sterke coureur.

In totaal verscheen hij honderd keer aan de start van een Grand Prix en reed hij drieënveertig wedstrijden in het wereldkampioenschap Supersport.

Maar misschien ligt zijn grootste verdienste wel in wat daarna kwam.

Na zijn actieve racecarrière bleef Zeelenberg zijn kennis delen met nieuwe generaties motorrijders. Via Zeelenberg Racing trainde hij duizenden coureurs en motorrijders op het TT Circuit Assen en het Spaanse Almería. Zijn lessen gingen niet alleen over snelheid, maar vooral over beheersing, veiligheid en het begrijpen van de perfecte lijn.

Zijn leiderschap bracht hem vervolgens terug naar de absolute wereldtop.

Als teammanager van Yamaha World Supersport leidde hij Cal Crutchlow naar de wereldtitel van 2009. Daarna volgde een nieuwe uitdaging in de MotoGP, waar Yamaha hem verantwoordelijk maakte voor het team van Jorge Lorenzo.

Wat volgde was een periode van ongekend succes.

Onder leiding van Wilco Zeelenberg veroverde Jorge Lorenzo de MotoGP-wereldtitels van 2010, 2012 en 2015. Daarmee groeide de voormalige Nederlandse coureur uit tot een van de meest succesvolle teammanagers van zijn generatie.

Van een zelfgebouwd crossmotortje in Bleiswijk naar de hoogste trede van het MotoGP-podium.

Van Nederlands kampioen tot Grand Prix-winnaar.

Van coureur tot mentor.

Van talent tot architect van wereldkampioenen.

Wilco Zeelenberg heeft niet alleen zijn eigen geschiedenis geschreven, maar ook die van de Nederlandse motorsport.

Een winnaar op het asfalt.
Een leermeester naast de baan.
Een Nederlandse TT-held voor de eeuwigheid.

De Ere Galerij van Iconische TT HeldenEen blijvende ode aan de mensen, machines en momenten die de geschiedenis van de T...
10/10/2026

De Ere Galerij van Iconische TT Helden

Een blijvende ode aan de mensen, machines en momenten die de geschiedenis van de TT van Assen hebben gevormd.

Mick Doohan – The Unbreakable Champion

Sommige wereldkampioenen worden herinnerd vanwege hun titels. Anderen vanwege hun spectaculaire rijstijl. Maar slechts enkelen worden legenden omdat zij het onmogelijke overwonnen.

Mick Doohan was zo’n legende.

Wanneer de geschiedenis van de 500cc Grand Prix-racerij wordt geschreven, staat de Australiër uit Queensland tussen de allergrootsten. Niet alleen vanwege zijn vijf opeenvolgende wereldtitels, maar vooral vanwege de manier waarop hij terugkeerde van een blessure die vrijwel iedereen als het einde van zijn carrière beschouwde.

Van Australisch talent naar wereldtop

Michael Sydney Doohan werd geboren op 4 juni 1965 aan de Gold Coast in Australië. Al vroeg bleek hij over een uitzonderlijk talent te beschikken. Eind jaren tachtig domineerde hij de Australische superbikes en maakte hij zoveel indruk dat Honda hem in 1989 naar het wereldkampioenschap 500cc haalde.

Daar begon de opmars van een toekomstige kampioen.

Doohan was geen showman zoals Kevin Schwantz en ook geen perfectionist zoals Wayne Rainey. Hij was een pure racer. Hard, vastberaden en compromisloos.

In 1990 behaalde hij zijn eerste Grand Prix-overwinning tijdens de Hongaarse Grand Prix. Een jaar later won hij samen met Wayne Gardner de prestigieuze Suzuka 8 Hours voor Honda. Alles wees erop dat hij de volgende grote kampioen van de 500cc-klasse zou worden.

De ramp van Assen

In 1992 leek de wereldtitel slechts een formaliteit.

Doohan had een enorme voorsprong opgebouwd in het kampioenschap en was duidelijk de sterkste coureur van het veld. Maar tijdens de trainingen voor de TT van Assen sloeg het noodlot toe.

Bij een zware crash brak hij zijn rechterbeen op meerdere plaatsen.

Wat volgde was een medisch drama dat inmiddels legendarisch is geworden. Door complicaties met de bloedsomloop dreigde zijn been zelfs geamputeerd te moeten worden. Artsen vochten om zijn been te redden, terwijl zijn carrière aan een zijden draadje hing.

Veel mensen dachten dat Mick Doohan nooit meer een Grand Prix-motor zou besturen.

Maar zij kenden Mick Doohan niet.

Terugkeer tegen alle verwachtingen in

Na maanden van pijn, operaties en revalidatie keerde hij terug op de motor.

Zijn rechterenkel was echter blijvend beschadigd. Remmen met de voet was nauwelijks nog mogelijk.

Daarom ontwikkelde Honda samen met Doohan een revolutionaire oplossing: een duimbediende achterrem op het linker stuur.

Wat begon als een noodoplossing werd uiteindelijk een van de meest iconische technische aanpassingen uit de motorsportgeschiedenis.

Doohan verloor in 1992 de wereldtitel met slechts vier punten verschil aan Wayne Rainey.

Maar hij had iets veel belangrijkers gewonnen:

Hij had zijn carrière terugveroverd.

De jaren van absolute dominantie

Vanaf 1994 begon een periode die de 500cc-klasse volledig zou veranderen.

Met zijn Honda NSR500 en de briljante afstelling van zijn vaste crewchief Jeremy Burgess vormde Doohan een vrijwel onverslaanbare combinatie.

Van 1994 tot en met 1998 won hij:

🏆 Wereldkampioen 500cc – 1994
🏆 Wereldkampioen 500cc – 1995
🏆 Wereldkampioen 500cc – 1996
🏆 Wereldkampioen 500cc – 1997
🏆 Wereldkampioen 500cc – 1998

Vijf wereldtitels op rij.

Een prestatie die slechts door een handvol coureurs in de geschiedenis is geëvenaard.

Zijn seizoen 1997 wordt nog steeds beschouwd als een van de meest dominante ooit. Hij won 12 van de 15 Grand Prix-races en finishte vrijwel altijd op het podium.

Waar Schwantz het publiek liet juichen en Rainey indruk maakte met zijn precisie, maakte Doohan zijn tegenstanders moedeloos.

Hij reed weg.

Ronde na ronde.

Race na race.

Jaar na jaar.

De kampioen die nooit brak

Wat Doohan werkelijk bijzonder maakte, was zijn mentale kracht.

Iedere overwinning werd behaald met een been dat nooit meer volledig herstelde.

Iedere wereldtitel werd gewonnen terwijl hij dagelijks de gevolgen van zijn zware crash voelde.

Toch klaagde hij nooit.

Hij werkte harder.

Trainde harder.

En reed harder.

Zijn bijnaam werd daardoor meer dan terecht:

“The Unbreakable Champion.”

Niet omdat hij nooit viel.

Niet omdat hij nooit pijn had.

Maar omdat hij telkens weer opstond.

Het einde van een tijdperk

In 1999 sloeg het noodlot opnieuw toe.

Tijdens een natte kwalificatietraining voor de Spaanse Grand Prix crashte Doohan zwaar en brak opnieuw zijn been.

Na jaren van blessures, operaties en gevechten besloot hij zijn helm definitief aan de wilgen te hangen.

Hij verliet de sport als vijfvoudig wereldkampioen, met:

* 54 Grand Prix-overwinningen
* 95 podiumplaatsen
* 58 polepositions
* 5 opeenvolgende wereldtitels

Cijfers die hem tot een van de succesvolste coureurs aller tijden maken.

Nalatenschap

Vandaag de dag wordt Mick Doohan beschouwd als de man die de brug vormde tussen de tijdperken van Wayne Rainey en Valentino Rossi.

Zijn technische inzichten, zijn samenwerking met Jeremy Burgess en zijn ongekende doorzettingsvermogen hebben de moderne MotoGP mede gevormd.

Maar boven alles blijft hij het levende bewijs dat ware kampioenen niet worden gedefinieerd door hun overwinningen.

Ze worden gedefinieerd door wat ze doen nadat alles verloren lijkt.

MEMORY LANE SPECIAL – TT ASSEN 1934De dag die geschiedenis schreefOp zaterdag 23 juni 1934 stond Assen volledig in het t...
04/10/2026

MEMORY LANE SPECIAL – TT ASSEN 1934
De dag die geschiedenis schreef

Op zaterdag 23 juni 1934 stond Assen volledig in het teken van de tiende Nederlandse TT, die dat jaar tevens de Grote Prijs van Europa vormde.

Dankzij een bijzonder origineel Shell-fotoalbum kunnen we deze historische TT bijna stap voor stap opnieuw beleven. Niet alleen de races, maar ook Assen, de enorme belangstelling, de fabrieksteams, de start, de strijd op het circuit en uiteindelijk de huldiging van de winnaars zijn in beeld vastgelegd.

Een uniek fotografisch verslag uit 1934.

MEMORY LANE SPECIAL

TT ASSEN 1934

DE DAG DIE GESCHIEDENIS SCHREEF

23 juni 1934 – de tiende TT, de Grote Prijs van Europa

Soms komt er een verzameling foto’s voorbij die een stukje geschiedenis niet alleen laat zien, maar het bijna weer tot leven brengt.

Dat gebeurde toen Marnix Cross deze bijzondere serie originele foto’s met Memory Lane deelde.

De foto’s zijn afkomstig uit een contemporaine Shell-reportage over de TT van 1934. Ze tonen niet alleen de winnaars, maar ook de sfeer van die historische dag: de coureurs, de machines, de start, de strijd langs het circuit, de finish en de huldiging.

Juist daardoor kunnen we de tiende TT van Assen vandaag opnieuw bekijken zoals men haar toen beleefde.

Assen maakt zich op voor een bijzondere TT

Op zaterdag 23 juni 1934 staat Assen volledig in het teken van de tiende Nederlandse TT.

Het is geen gewone jubileumrace.

De tiende TT krijgt dat jaar van de internationale federatie F.I.C.M. het predicaat Grote Prijs van Europa. Daarmee worden in Assen de Europese titels in de verschillende klassen beslist. De 16,5 kilometer lange omloop van het Circuit van Drenthe ontvangt een internationaal deelnemersveld van formaat.

Assen heeft zich voor de gelegenheid feestelijk aangekleed.

Erepoorten staan in de straten, vlaggen en versieringen hangen boven de wegen en het TT-monument dat ter gelegenheid van het jubileum wordt aangeboden, onderstreept het bijzondere karakter van deze tiende TT.

De TT is inmiddels uitgegroeid tot een groot publieksevenement. Volgens TT Historie kwamen er in 1934 ongeveer 60.000 bezoekers naar Assen.

De grote namen zijn er

Aan de start verschijnen coureurs uit verschillende Europese landen.

In de zwaarste klasse staan namen die iedere liefhebber van de vooroorlogse motorsportgeschiedenis bekend in de oren klinken:

Jimmie Guthrie.
Stanley Woods.
Ragnar Sunnqvist.
Bernd Rosemeyer.
Pol Demeuter.
Erik Haps – “Noir”.
Piet van Wijngaarden.
Arie van der Pluym.

En nog tientallen anderen.

De originele deelnemerslijst van de 500cc-klasse is daarmee veel meer dan alleen een startlijst. Het is een momentopname van de internationale top van 1934.

Maar achter die namen staan ook drie belangrijke fabrieksteams.

De drie grootmachten

FN.

Norton.

Husqvarna.

De oorspronkelijke Shell-reportage noemt ze de “drie grootmachten”.

Bij FN staan onder anderen Pol Demeuter, Erik Haps (“Noir”), André Milhoux en Maurice Flinterman. Bij Norton zien we onder anderen Jimmie Guthrie en Jimmie Simpson, terwijl Husqvarna vertegenwoordigd wordt door onder anderen Stanley Woods en Ragnar Sunnqvist.

En ergens daartussen staat de Nederlandse Husqvarna-coureur Arie van der Pluym.

De TT van Assen is daarmee geen nationale wedstrijd meer waarin alleen Nederlandse rijders de hoofdrol spelen.

Het is een internationale confrontatie tussen gerenommeerde fabrieksteams, topcoureurs en machines die speciaal voor dit soort wedstrijden worden ingezet.

Dan valt de startvlag

De motoren worden gestart.

De vlaggen hangen boven het rechte stuk.

De tribunes zitten vol.

En dan maakt het lawaai van tientallen motoren een einde aan de spanning.

De oorspronkelijke reportage noteert:

“Direct sensatie: in Hooghalen is de Zweed Sunqvist (Husqvarna) aan den kop.”

Guthrie zet de achtervolging in.

Demeuter wil vanaf het begin zijn kansen verdedigen.

De strijd is begonnen.

En voorin rijden coureurs die later een onuitwisbare plaats in de geschiedenis van de motorsport zullen krijgen.

De strijd wordt hard

De foto’s uit het album laten prachtig zien hoe anders motorracen er in 1934 uitzag.

Geen brede uitloopstroken.

Geen moderne vangrails.

Geen veiligheidszones.

De coureurs rijden over een circuit dat grotendeels uit openbare wegen bestaat, met het publiek dicht langs het parcours.

Jimmie Guthrie behoort tot de grote favorieten.

Maar de race kent geen genade.

Guthrie komt ten val en ook Stanley Woods haalt de finish niet. Beide Britse favorieten vallen in de 500cc-race uit.

Daarmee verandert het beeld aan de kop van de wedstrijd.

De Belgische FN-coureurs Demeuter en Noir spelen een steeds belangrijkere rol, terwijl ook Arie van der Pluym zich nadrukkelijk in de strijd mengt.

Halfweg: de grote sensatie

De oorspronkelijke reportage noemt dit moment:

“Halfweg: De groote sensatie!”

Demeuter zit voorin.

Van der Pluym rijdt mee in de strijd.

En de race blijft voortdurend veranderen.

De Shell-reportage laat in deze reeks niet alleen de snelheid zien, maar ook de problemen en incidenten die bij het racen op het toenmalige Circuit van Drenthe hoorden.

Van der Pluym blijft overeind en houdt zicht op een historische klassering.

Het slot van een geweldige race

In de slotfase komt de strijd tot een dramatische ontknoping.

Erik Haps, die onder het pseudoniem “Noir” rijdt, ligt vooraan maar komt in de laatste ronde ten val. Hij weet zijn machine weer op te pakken en de race voort te zetten.

Daardoor kan zijn FN-teamgenoot Pol Demeuter de leiding hernemen.

Demeuter wint.

Haps wordt tweede.

En Arie van der Pluym rijdt naar een historische derde plaats.

Ook Piet van Wijngaarden komt sterk voor de dag: hij wordt vierde en is daarmee de tweede Nederlander in de 500cc-klasse.

500cc – Grote Prijs van Europa 1934

1. Pol Demeuter – FN – België
2. Erik Haps “Noir” – FN – België
3. Arie van der Pluym – Husqvarna – Nederland
4. Piet van Wijngaarden – Norton – Nederland

Van der Pluym staat daarmee als derde op het podium van de Europese titelstrijd. Demeuter wordt Europees kampioen 500cc; Haps eindigt als vice-Europees kampioen.

De winnaars worden gehuldigd

Demeuter wordt gehuldigd als winnaar van de 500cc.

Van der Pluym staat tussen de bloemen als derde.

Maar de tiende TT heeft meer winnaars en kampioenen opgeleverd.

De oorspronkelijke reportage zet vijf mannen apart:

Yvan Goor – winnaar 175cc
Walfried Winkler – winnaar 250cc
Jimmie Simpson – winnaar 350cc
Jaap Fijma – Nederlands kampioen 250cc
Jac. Schot – Nederlands kampioen 350cc

De Europese TT-winnaars van 1934 waren Goor, Winkler, Simpson en Demeuter. De Nederlandse kampioenschappen werden in deze periode gekoppeld aan de beste Nederlander in de betreffende TT-klasse. Daardoor werden Fijma en Schot Nederlands kampioen ondanks hun respectievelijk negende en achtste plaats in de internationale uitslag.

Een uitslag als historische reclame

Deze laatste Shell-pagina is interessant om als historische bron te bewaren.

Shell presenteert de TT van 1934 nadrukkelijk als een groot succes voor zijn brandstoffen en olieproducten.

Dat is natuurlijk reclame, geen onafhankelijk technisch onderzoek.

Maar de uitslagen die op de pagina worden afgedrukt, zijn wel een mooie contemporaine registratie van de resultaten.

En juist daarom is deze pagina waardevol: we zien hier hoe de TT van 1934 op het moment zelf commercieel en journalistiek werd gepresenteerd.

Maar één foto krijgt achteraf een heel andere betekenis

En hier zou ik het verhaal bewust even laten vertragen.

Pol Demeuter.

De man die zojuist de Grote Prijs van Europa in de 500cc heeft gewonnen.

Erik Haps – “Noir”.

Zijn teamgenoot, die tweede werd.

En:

Arie van der Pluym.

De Nederlander die derde werd.

Drie mannen.

Eén podium.

23 juni 1934.

Op dat moment weet niemand wat er zal gebeuren.

Een week later

Op 1 juli 1934, tijdens de Duitse Grand Prix op het Badberg-Viereck bij Hohenstein-Ernstthal, komt Erik Haps – “Noir” in de 500cc-race dodelijk ten val. Hij is 24 jaar oud.

Wanneer het nieuws van Haps’ overlijden de FN-ploeg bereikt, probeert de wedstrijdleiding Pol Demeuter tot stoppen te bewegen. Demeuter begrijpt het signaal aanvankelijk niet en rijdt door.

Later komt ook hij ten val.

Zijn verwondingen blijken veel ernstiger dan aanvankelijk werd gedacht.

In de nacht verslechtert zijn toestand snel.

Op 2 juli 1934 overlijdt Pol Demeuter, 30 jaar oud.

De man die op 23 juni in Assen de Europese 500cc-titel had gewonnen, is negen dagen later dood.

En dan Arie van der Pluym

Nog geen twee weken later volgt een derde tragedie.

Op 15 juli 1934, tijdens de Grote Prijs van België in Spa-Francorchamps, verongelukt ook Arie van der Pluym.

Hij is 28 jaar oud.

De Nederlandse Husqvarna-coureur die in Assen nog als derde op het Europese podium stond, komt tijdens de 500cc-race bij de Côte de Burnenville ten val en overlijdt.

Daarmee krijgt die ene foto van de huldiging een betekenis die niemand op 23 juni kon voorzien.

Demeuter – winnaar.

Noir – tweede.

Van der Pluym – derde.

Alle drie zouden binnen 22 dagen na de TT van Assen bij race-ongevallen om het leven komen.

Dat is geen dramatisering.

Het is de historische werkelijkheid.

1934 door de lens van Marnix Cross

En daarom is deze special voor Memory Lane zo bijzonder.

Niet omdat we een oude uitslag opnieuw vertellen.

Maar omdat de foto’s die Marnix Crossmet ons deelde ons in staat stellen om de TT van 1934 bijna stap voor stap te reconstrueren.

We zien:

Assen in feesttooi.

De internationale deelnemers.

De drie fabrieksteams.

De start.

De strijd.

De valpartijen.

Van der Pluym in volle aanval.

Demeuter aan de leiding.

De finish.

De winnaars tussen de bloemen.

En pas wanneer we weten wat er daarna gebeurde, kijken we opnieuw naar die foto’s.

Dan zien we niet alleen coureurs.

Dan zien we drie mannen die op 23 juni 1934 samen op het Europese 500cc-podium stonden — en die 22 dagen later geen van drieën meer in leven waren.

Een bijzondere dank aan Marnix Cross

Deze bijzondere Memory Lane Special kwam tot stand dankzij Marnix Cross, die deze originele foto’s met ons deelde.

Zijn verzameling geeft ons de mogelijkheid om de TT van 1934 niet alleen aan de hand van uitslagen en verhalen te reconstrueren, maar ook aan de hand van beelden die de wedstrijd en de tijdgeest zelf hebben vastgelegd.

Daarvoor is Memory Lane hem bijzonder dankbaar.

MEMORY LANE  #20 — TT ASSEN 1938DE NEDERLANDERS SLAAN TERUGAssen – zaterdag 30 juli 1938De veertiende Nederlandse TT sta...
04/10/2026

MEMORY LANE #20 — TT ASSEN 1938

DE NEDERLANDERS SLAAN TERUG

Assen – zaterdag 30 juli 1938

De veertiende Nederlandse TT staat in 1938 opnieuw volledig in het teken van de internationale motorsport. Op het ongeveer 16,5 kilometer lange Circuit van Drenthe verschijnen de grote fabrieksteams aan de start. DKW, Velocette en BMW brengen hun beste machines en coureurs naar Assen.

Maar deze TT krijgt ook een duidelijk Nederlands gezicht.

Na jaren waarin de buitenlandse fabrieksteams de dienst uitmaken, rijden Nederlandse coureurs zich in 1938 nadrukkelijk naar voren. In de 350cc- én de 500cc-klasse eindigt een Nederlander op de tweede plaats. In de 250cc-klasse wordt Piet van Dinter vierde en bovendien Nederlands kampioen.

DKW beheerst de 250cc

In de lichtste klasse is de Duitse DKW-fabrieksploeg oppermachtig.

Ewald Kluge wint de 250cc-race. De dominantie van DKW is opmerkelijk: de eerste niet-DKW eindigt pas als achtste.

Achter de Duitse machines rijdt Piet van Dinter een sterke wedstrijd. Op zijn DKW wordt hij vierde en daarmee is hij de beste Nederlander. Zijn prestatie levert hem bovendien het Nederlands kampioenschap in de 250cc-klasse op.

De foto van Van Dinter, met startnummer 6, laat precies zien waar het in die jaren om draait: coureur, machine en een circuit dat grotendeels bestaat uit openbare wegen door het Drentse landschap.

W***y van Gent houdt stand tussen de fabrieksteams

In de 350cc-klasse komt de overwinning op naam van de Brit Ted Mellors met zijn Velocette.

Maar achter hem zorgt W***y van Gent voor een Nederlandse sensatie.

Van Gent brengt zijn Velocette als tweede over de finish en is daarmee de beste Nederlander in de 350cc. De uitslag van Assen vormt bovendien onderdeel van het Europese kampioenschap van 1938, waarin Mellors de race wint en Van Gent tweede wordt.

Voor Van Gent is het opnieuw een bevestiging dat hij zich tussen de internationale top kan handhaven. Drie jaar eerder zagen we hem in onze Memory Lane al als tweede in de 500cc achter Jimmy Guthrie. In 1938 doet hij het opnieuw: tweede in Assen, nu op een Velocette in de 350cc.

En naast hem staat een oude bekende.

Stanley Woods, startnummer 44, maakt zich klaar voor de 350cc-race. De Ierse grootheid is al sinds de jaren twintig een van de bekendste namen van de TT Assen. Zijn aanwezigheid onderstreept hoe internationaal het deelnemersveld inmiddels is geworden.

Georg Meier en de BMW van startnummer 66

De zwaarste klasse brengt het publiek naar het puntje van zijn stoel.

Georg Meier verschijnt met startnummer 66 aan de start op de BMW. De Duitser wint de 500cc-race en legt daarmee opnieuw een belangrijke Europese overwinning voor BMW vast. Meier wint in 1938 ook de 500cc-ronde van het Europese kampioenschap in Assen; Bertus van Hamersveld wordt tweede en Dorino Serafini derde.

Maar voor het Nederlandse publiek is vooral die tweede plaats bijzonder.

Bertus van Hamersveld, startnummer 67, rijdt zijn BMW naar de tweede plaats.

De foto’s uit 1938 vertellen het verhaal bijna zonder woorden. Van Hamersveld staat tussen de monteurs en andere coureurs in het rennerskwartier. Later deelt hij handtekeningen uit aan de jeugd. En na afloop staat hij tussen de andere prijswinnaars, nog altijd herkenbaar aan zijn startnummer 67.

De huldigingsfoto vormt daarmee een prachtig tijdsbeeld van de TT van 1938. Van links naar rechts zien we W***y van Gent, Ted Mellors, Bertus van Hamersveld, Dorino Serafini en Georg Meier. De foto is ook door het TT-historisch archief zo geïdentificeerd.

Geen Nederlandse overwinning — wel drie keer vooraan

De drie Nederlandse prestaties geven de TT van 1938 een bijzonder karakter.

Piet van Dinter wordt vierde in de 250cc en Nederlands kampioen.

W***y van Gent wordt tweede in de 350cc.

Bertus van Hamersveld wordt tweede in de 500cc.

Daarmee staan Nederlandse coureurs in alle drie de hoofdcategorieën nadrukkelijk tussen de internationale concurrentie.

De overwinningen gaan naar drie grote namen uit de internationale motorsport:

Ewald Kluge – DKW – 250cc
Ted Mellors – Velocette – 350cc
Georg Meier – BMW – 500cc.

En juist daarin zit de betekenis van deze TT.

Nederland wint niet.

Maar Nederland doet wel mee.

Een TT die steeds groter wordt

De foto’s uit het rennerskwartier laten bovendien zien hoe anders de motorsport er in 1938 uitziet. Coureurs en monteurs werken vrijwel midden tussen het publiek aan de motoren. Machines staan naast elkaar klaar, monteurs sleutelen geconcentreerd en iedere seconde voor de start telt.

Er is nog geen afgesloten paddock zoals wij die kennen.

De TT is internationale topsport, maar tegelijkertijd nog steeds een evenement dat zich letterlijk tussen de mensen afspeelt.

Dat maakt de foto van Van Hamersveld die handtekeningen uitdeelt aan de jeugd misschien wel net zo waardevol als de spectaculaire actiefoto’s.

De coureur is niet alleen een naam op een uitslagenlijst.

Hij is een held die voor de toeschouwers bereikbaar is.

Assen 1938

De TT van 1938 laat zien hoe snel het evenement zich heeft ontwikkeld.

DKW beheerst de 250cc.
Velocette wint de 350cc.
BMW verovert de 500cc.

Maar tussen die internationale fabrieksteams staan Nederlandse coureurs die zich niet laten wegdrukken.

Van Dinter vierde.
Van Gent tweede.
Van Hamersveld tweede.

Drie prestaties die laten zien dat de Nederlandse motorsport in 1938 steeds dichter tegen de internationale top aan kruipt.

De foto’s blijven achter.

De motoren verdwijnen.

De toeschouwers gaan naar huis.

Maar in Assen blijft de herinnering aan een bijzondere TT-dag bestaan.

30 juli 1938 — de dag waarop de Nederlanders niet wonnen, maar zich wél nadrukkelijk lieten gelden.

De Nederlanders slaan terug.

Adres

Assen

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Tour de TT nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Snelkoppelingen

Delen