09/09/2026
Cushing, is het eerste wat er in me opkomt als ik een terrein met 4 pony’s opkom en mijn oog op een kleine Shetlander valt. Niet omdat hij er typisch zo uitziet of omdat ik daar over nadenk. Het is iets wat meteen in me opkomt en wat ik eigenlijk ook meteen weer vergeet.
Hij is niet als eerste aan de b***t, maar als we bij hem aangekomen zijn vertelt de eigenaresse dat hij Cushing heeft. En dan herinner ik het me weer.
Hij is al lang ziek en zijn eigenaresse vraagt zich af hoe leuk het nog is voor hem.
Wat ik voel is dat hij al een beetje in een overgangstoestand leeft. Hij is hier, maar half ook al verder.
Hij zegt dat het fysiek zwaar is, maar dat hij iets aan het verwerken is. De zorg en liefde die hij bij zijn huidige eigenaren krijgt is helend voor de pijn en verwaarlozing in zijn verleden.
Nu is nog niet het moment om hem te laten gaan. Dit heeft nog even tijd nodig. Er komt een verslechtering, zegt hij. Dan moet je niet meer gaan dokteren. Maar voor nu is het goed dat ik nog even in deze halve droomtoestand hier kan blijven.
Zijn eigenaresse pinkt een traantje weg. Deze pony is zó lief, zegt ze. Voor hem is het dus genezend op zielsniveau dat dat eindelijk gezien wordt. Dat hij zoveel liefde en zorg mag ontvangen.
Zo kan een ziekte of fysiek moeilijke toestand toch ook iets goeds brengen op een ander level. En gelukkig krijgt deze pony de kans om op dat level iets te genezen.