15/10/2026
Er zit een bijzondere pijn in het werk dat ik doe.
Je kunt je met hart en ziel inzetten om inzicht te geven in patronen die van generatie op generatie worden doorgegeven. Je kunt proberen zichtbaar te maken wat jarenlang onzichtbaar is gebleven, woorden geven aan wat iemand heeft gevormd en helpen begrijpen welke sporen een onveilige dynamiek achterlaat.
Je weet dat verandering niet eenvoudig is. Dat oude overlevingsmechanismen niet zomaar verdwijnen en dat juist daar waar de pijn zit, soms ook de grootste weerstand ontstaat.
Maar soms word je geconfronteerd met iets wat dieper raakt dan je had verwacht.
Wanneer je, midden in het proces waarin je iemand probeert te helpen begrijpen wat hem of haar is overkomen, ineens gedrag ziet verschijnen dat pijnlijk herkenbaar is. Wanneer patronen die je zo zorgvuldig probeert te helpen doorbreken, zich in het hier en nu opnieuw laten zien. Niet als iets uit het verleden, maar als iets wat zich opnieuw afspeelt, tegenover jou.
En dan besef je opnieuw hoe ingewikkeld deze materie werkelijk is.
Want de gevolgen van opgroeien in een beschadigende dynamiek zijn niet alleen zichtbaar in verdriet, angst of onzekerheid. Soms zitten ze ook verscholen in de manier waarop iemand met anderen omgaat. In de behoefte aan controle, in het afschuiven van verantwoordelijkheid, in het verdraaien van wat er gebeurt of in de hardheid die tevoorschijn komt zodra iemand zich geraakt voelt.
Dat benoemen vraagt moed. Het vraagt ook dat we verder durven kijken dan alleen naar wat iemand is aangedaan.
Want begrijpen waar gedrag vandaan komt, betekent niet dat we de gevolgen ervan moeten ontkennen. En erkenning van iemands pijn betekent niet dat gedrag waarmee een ander wordt gekwetst, buiten beschouwing moet blijven.
Ik geloof in bewustwording. In het doorbreken van patronen. In de mogelijkheid om anders te leren omgaan met pijn.
Maar ik geloof ook dat echte verandering begint waar we bereid zijn eerlijk naar onszelf te kijken.
En over dat laatste wil ik niet langer zwijgen.