28/09/2026
Heel langzaam hardlopen. Ik vind het knap lastig.
Telkens die blik op mijn horloge of ik niet te snel loop. Mijn rechterheup die ik ineens voel. Mijn linker veter die net iets te strak zit.
En tegelijk weet ik dat ik met dit langzame tempo kracht opbouw voor die hele lange duurloop straks.
Zo sprak ik onlangs een klant. Ze is interim HR-adviseur en probeert telkens elke vraag die ze krijgt direct te beantwoorden.
“Dan is het maar gedaan en kan ik door”, vertelt ze licht hijgend.
Moe van het eindeloze malen in haar hoofd. Het overdenken of ze het wel goed heeft gedaan. Ze ligt er wakker van.
Niet goed genoeg, gaat door haar hoofd heen.
Ik vroeg haar: “Waar voel je nu je adem?” Ze legt haar hand net onder haar keel.
“Ja, soms adem ik wel dieper, hoor, dat gaat vanzelf. Maar dan voel ik ineens van alles en moet ik soms bijna huilen. En dat wil ik natuurlijk niet.”
Als ik alleen maar in een stevig tempo train voor die halve marathon, is de kans op blessures groot.
En als zij maar door blijft gaan met hard werken en het vertragen blijft vermijden, blijft haar hoofd overuren maken. Daar wordt ze uiteindelijk alleen maar nog moeier van.
Misschien herken je dat wel. Je hoofd blijft maar doorgaan. Nog even dit afmaken, nog even dat oplossen. Door.
Misschien helpt het al om op te merken: o ja, ik doe het weer. En dan één ding niet meteen oppakken.
Die ene mail kan best vijf minuten wachten. Dat andere klusje ook. Toch?
Kijk vandaag eens of er iets is dat best even kan wachten.
Inmiddels heb ik die halve marathon gelopen. En dat langzame lopen bleek echt ergens goed voor. 🌞